Microscoop Onderzoek lopend

Seeing MS Early: Eyes on Intermediate Uveitis for Early MS Detection

Kan intermediaire uveïtis (IU) bij kinderen en jongvolwassenen een vroeg waarschuwingssignaal zijn voor multiple sclerose (MS)? Dit onderzoek onderzoekt welke biomarkers kunnen helpen om patiënten met een verhoogd risico op MS eerder te herkennen en beter te volgen.

Onderzoeksdetails:
Projectnummer: 202515
Hoofdonderzoeker: Prof. dr. J.H. de Boer en dr. J.J.W. Kuiper
Projectteam: J. Hendrikse MD-UMC Utrecht
Instituut: UMC Utrecht

Waar gaat dit onderzoek over?

Intermediaire uveïtis (IU) is een chronische ontsteking in het oog die vooral voorkomt bij kinderen en jongvolwassenen. Onderzoekers weten dat patiënten met IU een verhoogd risico hebben om later multiple sclerose (MS) te ontwikkelen, een ziekte waarbij het afweersysteem het centrale zenuwstelsel aantast.

Bij patiënten met IU worden soms al vroege kenmerken gezien die ook voorkomen bij MS. Zo hebben sommige patiënten afwijkingen op MRI-scans van de hersenen en bepaalde antistoffen tegen het Epstein-Barr-virus (EBV), die ook vaak bij MS worden gevonden.

In dit onderzoek bekijken onderzoekers of kinderen en volwassenen met IU specifieke antistofprofielen hebben die kunnen voorspellen wie later risico loopt op MS of neurologische schade.

Wat willen de onderzoekers bereiken?

De onderzoekers willen biomarkers vinden die vroeg kunnen aangeven welke patiënten met intermediaire uveitis een verhoogd risico hebben op het ontwikkelen van MS.

Biomarkers zijn meetbare stoffen in het lichaam die informatie geven over gezondheid en ziekteprocessen. In dit onderzoek gaat het vooral om specifieke antistoffen in bloed en oogvocht die samenhangen met afwijkende immuunreacties.

Uiteindelijk hopen de onderzoekers hiermee patiënten eerder te herkennen die extra controle of behandeling nodig hebben.

Waarom is dit belangrijk?

MS wordt vaak pas vastgesteld wanneer al schade aan het zenuwstelsel is ontstaan. Bij patiënten met IU kunnen mogelijk al veel eerder signalen zichtbaar zijn van een afwijkende immuunreactie.

Door deze signalen vroeg op te sporen, hopen onderzoekers schade aan het gezichtsvermogen en mogelijk ook neurologische schade te beperken. Ook kan vroege herkenning helpen om patiënten beter te volgen en sneller passende behandeling te starten.

Daarnaast kan het onderzoek meer inzicht geven in de relatie tussen oogontstekingen en auto-immuunziekten zoals MS.

Wat wordt er onderzocht?

  • Welke antistoffen komen voor bij patiënten met intermediaire uveitis?
  • Lijken deze antistofprofielen op die van patiënten met multiple sclerose?
  • Welke rol speelt het Epstein-Barr-virus (EBV) bij deze immuunreacties?
  • Kunnen biomarkers voorspellen welke patiënten een verhoogd risico hebben op MS?

Hoe wordt het onderzoek uitgevoerd?

De onderzoekers onderzoeken bloed en eventueel restmateriaal van oogvocht van kinderen en volwassenen met intermediaire uveitis. Ook worden patiënten met MS en gezonde controlepersonen onderzocht.

Met een speciale peptide-microarray meten de onderzoekers welke antistoffen aanwezig zijn in het bloed en oogvocht. Daarbij kijken zij onder andere naar antistoffen die samenhangen met auto-immuunziekten zoals MS.

Daarnaast onderzoeken de onderzoekers genetische kenmerken die bekend zijn bij zowel IU als MS. De resultaten worden gekoppeld aan gegevens uit het patiëntendossier, zoals oogonderzoeken en MRI-uitslagen.

Wat levert het onderzoek op?

Het onderzoek levert nieuwe kennis op over de relatie tussen intermediaire uveitis, het afweersysteem en multiple sclerose.

Daarnaast kunnen biomarkers worden ontdekt die helpen voorspellen welke patiënten risico lopen op neurologische schade of het ontwikkelen van MS.

Ook kan het onderzoek bijdragen aan nieuwe risicoprofielen waarmee artsen patiënten beter kunnen volgen en begeleiden.

Wat betekent dit straks voor patiënten?

Met de resultaten van dit onderzoek kunnen patiënten met intermediaire uveitis in de toekomst mogelijk eerder worden herkend als zij een verhoogd risico hebben op multiple sclerose.

Hierdoor kan sneller worden gestart met extra controles of behandeling, mogelijk nog voordat ernstige schade ontstaat aan het zenuwstelsel of het gezichtsvermogen.

Daarnaast kan het onderzoek bijdragen aan meer persoonlijke zorg en betere prognoses voor kinderen en volwassenen met intermediaire uveitis.

TEKST

Prof. dr. J.H. de Boer en dr. J.J.W. Kuiper Hoofdonderzoeker

Door jouw donaties maken wij het verschil

Omdat iedereen wil blijven zien waar hij of zij van houdt, werkt het Oogfonds aan een toekomst waarin niemand meer slechtziend of blind wordt.

Gerelateerde onderzoeken

Gerelateerde onderzoeken

Help je mee zicht redden?

Elke donatie maakt een verschil in het leven van mensen met oogaandoeningen.