Frans laat na aan het Oogfonds voor zijn kleinzoon

De kleinzoon van Frans Wisman werd blind door de ziekte van Leber. Daarom besloot Frans een bedrag na te laten aan het Oogfonds. “Je kunt bijna niks doen voor zo’n jongen, maar dan kun je toch dít doen.”

Portret van Frans Wisman, die nalaat aan het Oogfonds voor zijn kleinzoon die de oogziekte van Leber heeft.

De kleinzoon van Frans Wisman (1947) werd blind door de ziekte van Leber. Reden voor Frans om een bedrag na te laten aan het Oogfonds. “Opeens besef je dat de wetenschap heel belangrijk is en dat daar steun voor moet zijn. Ik hoop dat de wetenschappelijke ontwikkelingen zo snel gaan dat ze ook iets kunnen betekenen voor mijn kleinzoon”, zegt Frans Wisman. Hij is een overtuigd supporter van het Oogfonds. Naast de vaste donatie die hij maandelijks doet, heeft hij het fonds opgenomen in zijn testament. “Mijn generatie heeft het hartstikke goed gehad. Op mijn leeftijd loop je naar het eind van je termijn. Dan is de vraag: als je doodgaat, geef je dan alles wat je hebt aan je kinderen, of ga je er ook iets anders mee doen?”

Maatschappelijk actief

Frans is sterk betrokken bij de samenleving. Hij was in zijn werkende leven leraar en schooldirecteur, en later ambtenaar bij het ministerie voor Onderwijs. In zijn vorige woonplaats, Ter Apel, begeleidde hij vluchtelingen. Sinds een paar jaar woont hij in Den Haag. Daar is hij actief in de kerk: hij is vrijwilliger in het sociaal café, verzorgt maaltijden voor dakloze mensen en geeft rondleidingen in de Pastoor van Arskerk. “Dat is een kerk met heel bijzondere moderne architectuur. Er komen mensen uit de hele wereld op af.”

Oogziekte van kleinzoon

Frans kwam in aanraking met oogziektes door zijn oudste kleinzoon, Wikke. Toen die 11 jaar was, bleek dat hij slecht zag. De oorzaak was de ziekte van Leber: een zeldzame erfelijke oogziekte waarbij de cellen in de oogzenuw niet goed werken. Binnen een half jaar werd Wikke blind; hij ziet nog 0,5 procent aan de zijkant van zijn gezichtsveld. “We waren er allemaal kapot van. Ik heb dagenlang moeten huilen. Op dat moment zagen we het heel zwaar in. We zagen alleen de beperkingen die Wikke zou hebben.” Ook de boodschap dat er een ernstige oogziekte in de familie zat, was “nogal schokkend”. “We kenden de ziekte niet, maar er is een kans dat hij zich ook bij neven of nichten zal manifesteren.”

‘Opeens besef je dan dat de wetenschap heel belangrijk is en dat daar steun voor moet zijn’

Frans laat na aan het Oogfonds

Door jouw donaties maken wij het verschil

Omdat iedereen wil blijven zien waar hij of zij van houdt, werkt het Oogfonds aan een toekomst waarin niemand meer slechtziend of blind wordt.

Unieke actie voor onderzoek

Kinderglaucoom is een weinig bekende aandoening. Glaucoom komt vooral voor bij mensen boven de 40 en bij ouderen. Omdat kinderglaucoom zo zeldzaam is, is meer kennis en onderzoek hard nodig. Om daaraan bij te dragen, bedachten de ouders van Joa een bijzondere actie om geld in te zamelen. In 2025 liepen ze bijvoorbeeld samen de halve marathon van Utrecht. “Ik ben eigenlijk geen hardloper,” geeft Mark toe, “maar voor Joa zou ik zelfs ongetraind en op blote voeten een marathon kunnen rennen.”

Blindenvoetbal

Inmiddels heeft de familie een nieuwe draai gevonden. “We zijn erg geholpen door Wikke zelf, want hij is een heel positieve jongen. Hij doet dit jaar eindexamen atheneum en hoopt daarna te gaan studeren. Ook voetbalt hij in een blindenelftal, daar geniet hij enorm van. Het gaat goed met hem.” Wikke zet zich ook in voor onderzoek naar de ziekte van Leber. “In 2022 is hij de 4Daagse Nijmegen gaan lopen om geld in te zamelen. Hij is een soort ambassadeur voor het Oogfonds geworden.”

Optimistisch

Frans wil net als zijn kleinzoon bijdragen aan wetenschappelijk onderzoek. Het Leids Universitair Medisch Centrum doet onderzoek naar de ziekte van Leber. “Zij zijn voorzichtig optimistisch dat er op termijn wat aan te doen is. Opeens besef je dan dat de wetenschap heel belangrijk is en dat daar steun voor moet zijn.” Een voorlichtingsdag van het ziekenhuis maakte veel indruk op Frans. “Het is fantastisch te zien welke stappen ze zetten naar herstel, ook van oogzenuwen. Er was echt al iets positiefs te melden. Dat maakt mij wel optimistisch.”

Aandacht voor kleinere fondsen

Frans heeft het Oogfonds opgenomen in zijn testament. Hij kwam op dat idee door een brochure die hij ontving als vaste donateur. Het was makkelijk te regelen, vertelt hij. “Normaal gaat je vermogen naar je kinderen. Daar kun je een deel van afzonderen. Je maakt zelf het bedrag uit.” Frans kent meer mensen die geld nalaten aan een goed doel. Hij wijst kennissen ook wel eens “subtiel” op het Oogfonds. “Mensen denken eerder aan grote fondsen zoals Artsen zonder Grenzen. Hartstikke goed, die zijn ook heel belangrijk. Maar daarnaast zou je meer aandacht willen voor kleinere fondsen. Er zijn veel oogziektes die kinderen treffen. Als je onderzoek daarnaar kunt pushen, is dat fantastisch.”

Toch iets doen

Geld nalaten aan het Oogfonds voelt voor Frans als een geruststelling. “Je kunt bijna niks doen voor zo’n jongen – ik denk vooral aan Wikke – maar dan kun je toch dít doen. Het is een heel klein zetje in hopelijk de goede richting. Mijn droom zou zijn dat ze specifiek voor de ziekte van Leber wat vinden. Wikke zelf zei bij zijn actie: “Is het niet voor mij, dan voor degenen die na mij komen.”

 

Tekstredactie: Kroon Tekst

Help je mee zicht redden?

Elke donatie maakt een verschil in het leven van mensen met oogaandoeningen.