Marijke heeft maculadegeneratie: ‘Je moet er wat van maken’

Marijke Pronk-Dobber is door leeftijdsgebonden maculadegeneratie ernstig slechtziend en officieel blind. Toch rondde ze een hbo-studie af en blijft ze genieten van haar gezin, geloof en dagelijks leven. “Je moet er wat van maken.”

Portret van Marijke Pronk-Dobber, die leeft met maculadegeneratie.

Marijke Pronk-Dobber (1957) is door leeftijdsgebonden maculadegeneratie officieel blind. Met haar ernstig verminderde zicht ging ze een hbo-studie doen en haalde ze haar diploma. Haar motto: “Je moet er wat van maken. Je moet nooit bij de pakken gaan neerzitten”, zegt Marijke Pronk-Dobber uit Wervershoof. Ze is officieel blind door leeftijdsgebonden maculadegeneratie. Bij deze oogaandoening sterven de lichtgevoelige cellen in het centrum van het netvlies (de macula) geleidelijk af. Marijke kreeg klachten toen ze 53 was. Ze merkte dat ze slecht zag in het donker, zag zwarte sliertjes in haar ogen en kon na het wakker worden niet meteen lezen. “Er leek een soort vitrage vlak voor mijn ogen te hangen.”

Vuistslag in het gezicht

De optometrist in het ziekenhuis vond geen afwijking. De boodschap was: kom maar terug als de klachten erger worden. Dat deed ze vijf jaar later. “Toen bleek dat ik links nog 85 procent zicht had en rechts 65 procent. Het was alsof ik een vuistslag in mijn gezicht kreeg.” Naast een beschadigde macula had Marijke op haar netvlies cysten: met vocht gevulde bultjes.

Zonde van de tijd

Injecties tegen de maculadegeneratie werkten bij Marijke niet voldoende. “Ik heb drie soorten medicijnen gehad, maar niks hielp.” Vier jaar na de start van de behandeling zag Marijke met haar linkeroog nog maar 20 procent en met haar rechter 5 procent. Ze besloot met de injecties te stoppen. Ik zei tegen de oogarts: “Het wordt alleen maar slechter, dit is zonde van de tijd en het geld.”

‘Ik heb drie soorten medicijnen gehad, maar niks hielp’

Marijke heeft maculadegeneratie

Door jouw donaties maken wij het verschil

Omdat iedereen wil blijven zien waar hij of zij van houdt, werkt het Oogfonds aan een toekomst waarin niemand meer slechtziend of blind wordt.

Hbo-studie

Marijke richtte zich op iets anders: een hbo-studie theologie en godsdienstwetenschappen. Ze wilde dat al lang, maar had nooit een geschikte opleiding gevonden. “Bovendien dacht ik: dat kan niet met mijn slechte ogen. Maar er was net een nieuwe kapelaan in onze parochie. Hij zei: ‘Natuurlijk kan dat wel.’ En hij kende het Bonifatius instituut, waar ik welkom was.” Ze gelooft dat het zo heeft moeten zijn. “Dingen komen op je pad als je eraan toe bent.”

Geen medische verklaring

In de eerste maanden van de studie gebeurde er iets bijzonders: haar zicht werd beter. De oogarts stelde vast dat ze rechts weer 20 procent zag en links 65 procent. “De cysten waren leeggelopen, waardoor de druk op mijn netvlies was verminderd. De oogarts had er geen medische verklaring voor.”

Meer tijd voor examen

Om de colleges te kunnen volgen zat Marijke vooraan. Ze fotografeerde de teksten op het bord zodat ze die thuis kon uitvergroten. Maar in het vijfde en laatste studiejaar ging haar zicht hard achteruit. “Dat was een moeilijk jaar. Maar ik werd goed geholpen. Ik mocht colleges opnemen zodat ik ze thuis kon naluisteren. Voor de examenopdrachten mocht ik net zoveel tijd nemen als ik nodig had.”

Catechist en lector

Het was “fantastisch” om haar diploma te behalen. “Mijn broers en zus hebben doorgeleerd, maar ik had alleen mavo. Het hbo-diploma was een overwinning op mezelf.” Ze kon hierdoor bovendien catechist en lector worden in haar parochie. “Dat heb ik met heel veel plezier gedaan.” Door andere gezondheidsklachten moest ze hier onlangs mee stoppen.

Gelukkig in kerk en met gezin

De kerk geeft nog altijd zin aan haar leven. “Elke zondag en op feestdagen halen mensen me op om naar de kerk te gaan. Dat is mijn leven, daar word ik blij en gelukkig van.” Ook haar man, kinderen en kleinkind maken haar blij. Bijvoorbeeld met een dagje in Amsterdam, toen haar man en zij vijftig jaar getrouwd waren. “Mijn dochters houden rekening met: wat kan mama nog wel? We deden een rondvaart, zijn naar een kerk geweest waar ik vroeger kwam en hebben een paar uur op een mooi plein gezeten.”

Dingen uit handen geven

Natuurlijk was het verlies van haar zicht een grote slag. Marijke ziet nu minder dan 5 procent en is officieel blind. “Ik heb altijd heel veel gedaan. Opeens moet je dingen uit handen geven en vragen of mensen je helpen. Dat vond ik verschrikkelijk. Maar als ik bij de oogarts in het VUmc wil komen, zal ik toch moeten vragen in welke tram ik moet stappen. En het is wel zo: als je één keer om hulp hebt gevraagd, wordt het makkelijker. Mensen reageren ook altijd positief.” Haar motto: “Het is niet anders en je moet er het beste van maken. ” Bij een Maculacafé (https://maculavereniging.nl/agenda/overige-bijeenkomsten/algehele-agenda/) zei ze in het voorstelrondje: “Ik zie nog 3 procent, ik heb net een hbo-opleiding afgerond en ik geniet van het leven.”

Hoop voor kinderen

Marijke is een vaste donateur van het Oogfonds. Het gaat haar vooral om kinderen met oogziektes. “Ik kan zelf overal de weg nog vinden – thuis, in winkels, op bekende stations – doordat ik weet hoe dingen eruitzien. Kinderen met slechte ogen missen dat. Zij zijn meteen beperkt. Daarnaast kunnen ze niet zien hoe prachtig alles is. Daarom hoop ik dat er iets wordt uitgevonden waardoor hun ziekte stabiel kan blijven. Of genezen, dat zou natuurlijk nog mooier zijn.”

 

Tekstredactie: Kroon Tekst

Help je mee zicht redden?

Elke donatie maakt een verschil in het leven van mensen met oogaandoeningen.