De oogleden

De oogleden

Oogleden beschermen het oog tegen invloeden van buitenaf, zoals vuil en fel licht. Als er een voorwerp onze kant opkomt, knijpen we uit reflex onze oogleden dicht. Door te knipperen verspreiden de oogleden een dun laagje traanvocht (traanfilm) dat het oog vochtig en schoon houdt. Dit is belangrijk om een scherp zicht te houden. De oogleden zijn huidplooien die zich aan de voorkant van het oog bevinden. We hebben een onderste en een bovenste ooglid. Het is belangrijk dat beide goed functioneren. Dit heeft namelijk een directe invloed op de werking van de ogen. Soms kunnen de bovenoogleden deels over de ogen gaan hangen. De huidplooien zijn dan te ruim of de oogleden worden slap. Dit heeft gevolgen voor het zien, maar ook iemands uiterlijk verandert erdoor.

Trillend ooglid

Veel mensen hebben geregeld last van een trillend ooglid. Dit ontstaat als de spiertjes snel achter elkaar aan- en ontspannen. Het trillen kan een paar minuten duren, maar ook een paar dagen. De oorzaak is meestal vermoeidheid, stress of langdurig lezen of achter een beeldscherm zitten. Het is een irritant gevoel, maar kan absoluut geen kwaad. Het kan helpen om rust te nemen, stress te verminderen of de oogleden zacht te masseren.

Anatomie

Achter de huid ligt een kringspier: de oogspier. Als deze spier zich aanspant, wordt de ruimte tussen de oogleden kleiner of sluit het oog zich. De oogspier speelt ook een rol bij het rondpompen van het traanvocht.
Daarnaast zijn er twee spieren die ervoor zorgen dat het bovenooglid omhoog getrokken kan worden en twee kleinere spiertjes die de onderste omlaag trekken. Achter de oogspier ligt een bindweefselplaat die de oogleden stevigheid geeft. In deze plaat zitten talgkliertjes. In het bovenste ooglid zijn dat er ongeveer 25 en in het onderste ooglid ongeveer 20. De talgkliertjes spelen een belangrijke rol bij de productie van de traanfilm. Tot slot liggen langs de ooglidrand nog zweetkliertjes en natuurlijk de wimpers. Het bovenooglid heeft ongeveer 100 oogharen, het onderooglid 50. De anatomie van de bovenste en onderste oogleden verschillen enigszins van elkaar.

Verschillen

Het bovenste ooglid bestaat aan de buitenkant uit een dunne, elastische laag huid. Waar de huid overgaat in het bindvlies (conjunctiva) dat de binnenzijde bekleedt, ligt de ooglidrand. Ongeveer één centimeter boven de ooglidrand maakt het bovenste ooglid een plooi (de ooglid-crease). Als we vooruitkijken, hangt de huid hierover heen.
Het onderste ooglid heeft ook een huidplooi, die ongeveer 3,5 millimeter onder de ooglidrand ligt. Deze huidplooi is bij kinderen nog goed zichtbaar en bij volwassenen minder.