Bekijken Oogziekte

Keratoconus

Keratoconus

Keratoconus is een oogaandoening waarbij het hoornvlies dunner wordt en een kegelvorm krijgt. Lees wat keratoconus is, hoe de aandoening ontstaat en welke behandelingen er zijn.

Keratoconus is een oogaandoening waarbij het hoornvlies (de cornea) dunner en zwakker wordt. Hierdoor verliest het hoornvlies zijn normale bolle vorm en gaat het uitpuilen. In plaats van een ronde vorm krijgt het hoornvlies een kegelvorm. Door deze vervorming wordt het licht dat het oog binnenkomt niet meer goed gebroken. Het licht valt daardoor niet meer scherp op het netvlies, wat leidt tot verminderd en vervormd zicht.

Keratoconus behoort tot een groep aandoeningen waarbij het hoornvlies dunner en zwakker wordt (ectasieën). Een andere, zeldzamere aandoening uit deze groep is pellucid marginale degeneratie (PMD). Deze lijkt op keratoconus, maar heeft een andere vorm en ligging van de vervorming.

Keratoconus is een relatief zeldzame oogaandoening. Nieuwere studies laten zien dat de aandoening mogelijk vaker voorkomt dan eerder werd gedacht, met schattingen van ongeveer 1 op de 700 mensen (bron: Hashemi et al., 2020).

De aandoening komt meestal aan beide ogen voor, maar vaak is het ene oog sterker aangedaan dan het andere.

Wat gebeurt er in het oog?

Het hoornvlies is normaal gesproken stevig en gelijkmatig van vorm. Bij keratoconus wordt het hoornvlies dunner en minder stabiel. Dit komt doordat de structuur van het hoornvlies verzwakt. Hierdoor kan het naar voren uitpuilen. Deze vervorming beïnvloedt het zicht.

 

Een oog met keratocunus waarbij je duidelijk de kegelvorm ziet.
Een zijaanzicht van keratoconus

 

Hoe verloopt keratoconus?

Keratoconus ontstaat niet direct bij de geboorte, maar ontwikkelt zich geleidelijk. De aanleg voor de aandoening is vaak al aanwezig, maar klachten ontstaan meestal pas tijdens of na de puberteit.

De aandoening ontwikkelt zich langzaam. In de eerste fase zijn de klachten vaak mild, maar na verloop van tijd kunnen ze toenemen doordat de kegelvorming erger wordt.

Bij veel mensen stabiliseert de aandoening rond het 30e tot 40e levensjaar, maar dit verschilt per persoon.

Klachten en risicofactoren

Symptomen van keratoconus

De klachten van keratoconus ontwikkelen zich meestal geleidelijk. Veelvoorkomende symptomen zijn:

  • waziger zien, ook met bril of contactlenzen
  • vervormd zien (vertekend beeld)
  • overgevoeligheid voor licht
  • vermoeide ogen of hoofdpijn

Doordat het hoornvlies steeds onregelmatiger wordt, kan het zicht ondanks een bril of contactlenzen blijven verslechteren.

Kun je blind worden van keratoconus?

Keratoconus leidt meestal niet tot blindheid. Wel kan het zicht zonder behandeling sterk achteruitgaan. In een vergevorderd stadium kan het hoornvlies ernstig vervormd raken, waardoor het moeilijk wordt om scherp te zien, zelfs met hulpmiddelen.

Met de juiste behandeling kan het zicht meestal goed worden verbeterd en kan verdere achteruitgang vaak worden afgeremd.

Wie loopt risico op keratoconus?

De precieze oorzaak van keratoconus is niet bekend. Bij een klein deel van de mensen speelt erfelijkheid een rol. Minder dan 1 op de 10 mensen met keratoconus heeft familieleden met dezelfde aandoening (bron: oogziekenhuis).

Keratoconus komt vaker voor bij mensen met bepaalde aandoeningen, zoals astma, allergieën, eczeem of een aandoening van het bindweefsel.

Ook veel en hard in de ogen wrijven kan een rol spelen bij het ontstaan of verergeren van keratoconus.

Keratoconus komt vaker voor bij mensen met bepaalde aandoeningen, zoals het syndroom van Down en bindweefselaandoeningen zoals Ehlers-Danlos en Marfan.

Keratoconus is een relatief zeldzame oogaandoening, maar de impact kan groot zijn, wanneer het je treft.

Door jouw donaties maken wij het verschil

Omdat iedereen wil blijven zien waar hij of zij van houdt, werkt het Oogfonds aan een toekomst waarin niemand meer slechtziend of blind wordt.

Diagnose en behandeling

Diagnose stellen

Keratoconus wordt vastgesteld door een oogarts of optometrist. Omdat de klachten geleidelijk ontstaan, wordt de aandoening vaak ontdekt tijdens een oogmeting of controle van de ogen.

Om te beoordelen of er sprake is van keratoconus, wordt het hoornvlies uitgebreid onderzocht. Daarbij wordt gekeken naar de vorm en dikte van het hoornvlies.

Dit gebeurt met speciale meetapparatuur, zoals een hoornvliesscan (cornea-topografie of tomografie). Hiermee wordt een gedetailleerde kaart van het hoornvlies gemaakt. Zo kan de arts zien of het hoornvlies vervormd is en waar het dunner wordt.

Soms wordt ook de dikte van het hoornvlies nauwkeurig gemeten (pachymetrie). Deze metingen helpen om keratoconus in een vroeg stadium op te sporen.

Met deze onderzoeken kan worden vastgesteld of er sprake is van keratoconus en hoe ernstig de aandoening is. Ook kan worden gevolgd of de aandoening in de loop van de tijd verandert.

Behandeling van keratoconus

Keratoconus kan niet worden genezen. De behandeling is gericht op het verbeteren van het zicht en het afremmen van de ziekte. Welke behandeling nodig is, hangt af van het stadium van de aandoening.

Behandeling

Onderzoek

Wetenschappelijk onderzoek

Help je mee zicht redden?

Elke donatie maakt een verschil in het leven van mensen met oogaandoeningen.