Risicofactoren voor glaucoom
Hoe het precies komt dat bij iemand de oogzenuw beschadigd raakt, is lang niet altijd duidelijk. Wel weten we dat bepaalde factoren vaker voorkomen bij mensen met glaucoom. Deze factoren vergroten het risico op het krijgen van glaucoom, maar betekenen niet dat u de ziekte zeker krijgt. Hieronder beschrijven we de belangrijkste bekende risicofactoren.
Een verhoogde oogdruk
Een hoge oogdruk speelt bij meer dan de helft van de mensen met glaucoom een rol. Maar glaucoom kan ook ontstaan bij een normale oogdruk. Andersom krijgen veel mensen met een verhoogde oogdruk nooit schade aan de oogzenuw. De oogdruk is dus een belangrijke, maar niet de enige factor.
Glaucoom in de familie
Glaucoom komt vaker voor in sommige families. Als uw ouders, broers of zussen glaucoom hebben, is uw risico duidelijk verhoogd. In sommige families is het risico zelfs tot ongeveer tien keer zo groot. Komt glaucoom vaker voor in uw familie? Laat dan vanaf uw veertigste uw ogen regelmatig controleren. Is glaucoom bij een ouder, broer of zus op jonge leeftijd vastgesteld, dan kan het verstandig zijn om enkele jaren eerder te beginnen met controles. Bespreek dit met uw oogarts of optometrist. Hoe eerder glaucoom wordt ontdekt en behandeld, hoe kleiner de kans op blijvende schade. Wordt bij u glaucoom vastgesteld, informeer dan uw broers, zussen en kinderen. Er bestaat geen test waarmee kan worden vastgesteld of iemand een erfelijke aanleg voor glaucoom heeft.
Hoge bij- of verziendheid
Een hoge brilsterkte vergroot het risico op glaucoom. Zo hebben mensen met sterke bijziendheid (een hoge min-bril) een verhoogd risico op openkamerhoekglaucoom, waaronder pigmentglaucoom. Mensen met sterke verziendheid (een hoge plus-bril) hebben juist vaker een nauwe of geslotenkamerhoek en lopen daardoor meer risico op chronisch geslotenkamerhoekglaucoom.
Gebruik van bepaalde medicijnen
Sommige medicijnen kunnen de oogdruk verhogen. Dit geldt met name voor medicijnen met steroïden, zoals prednison. Ook huidzalven, neussprays of oogdruppels met steroïden kunnen dit effect hebben. Ontstaat glaucoom door het gebruik van zulke middelen, dan spreekt men van ‘steroïde-geïnduceerd glaucoom’ . Bij ongeveer 30 procent van de mensen stijgt de oogdruk bij gebruik van corticosteroïden. Bij 4 tot 6 procent stijgt de oogdruk zelfs sterk. Dit risico hangt wel af van het soort steroïde, de duur, toedieningsvorm en de gevoeligheid van de gebruiker.
Leefstijl
Over leefstijl en glaucoom wordt veel onderzoek gedaan. Er zijn aanwijzingen dat roken en overmatig alcoholgebruik samenhangen met een iets hogere kans op glaucoom, maar de resultaten van onderzoeken verschillen. Een gezonde leefstijl is in ieder geval belangrijk voor de algehele gezondheid en voor gezonde bloedvaten, ook in het oog. Hart- en vaatziekten, zoals bijvoorbeeld een vernauwing van de halsslagader (carotisstenose), hangen samen met een verhoogd risico op glaucoom. Ook de bloeddruk kan een rol spelen. Zowel een hoge als een lage bloeddruk kan ongunstig zijn voor de doorbloeding van de oogzenuw. Vooral een sterke daling van de bloeddruk tijdens de nacht lijkt bij sommige mensen een rol te spelen.
Gebruikt u bloeddrukmedicatie en heeft u glaucoom? Bespreek dit dan met uw arts. Pas uw medicatie nooit zelf aan.
Slaapapneu
Mensen met slaapapneu, waarbij tijdens de slaap herhaaldelijk korte ademstops optreden, hebben vaker glaucoom. Waardoor slaapapneu precies bijdraagt aan glaucoom, wordt nog onderzocht. Een van de mogelijke verklaringen is dat de oogzenuw tijdens zo’n ademstop tijdelijk minder zuurstof krijgt.
Een Afrikaanse of Aziatische achtergrond
Mensen met een Afrikaanse achtergrond hebben gemiddeld een verhoogd risico op openkamerhoekglaucoom. Bij mensen van (Oost-)Aziatische afkomst komt juist vaker een nauwe of geslotenkamerhoek voor. Dit hangt samen met gemiddelde verschillen in de bouw van het oog, zoals de diepte van de voorste oogkamer.
Een dun hoornvlies
Mensen met een van nature dun hoornvlies hebben mogelijk een verhoogd risico op glaucoom. Daarnaast kan bij een dun hoornvlies de oogdruk bij metingen lager lijken dan deze in werkelijkheid is, waardoor een verhoogde oogdruk makkelijker over het hoofd wordt gezien. Daarom meet de oogarts meestal eenmalig de dikte van het hoornvlies. Deze meting helpt bij het inschatten van het risico op glaucoom en bij de juiste interpretatie van de oogdruk.
Afwijkingen van bloedvaten in het oog
Aandoeningen waarbij bloedvaten in of bij het oog beschadigd raken, zoals suikerziekte of vaatafsluitingen in het oog, kunnen bijdragen aan het ontstaan van glaucoom. In sommige gevallen groeien er ook nieuwe, afwijkende bloedvaatjes, die de afvoer van kamerwater belemmeren.
Een hogere leeftijd
Het risico op glaucoom neemt toe met de leeftijd. Van de mensen boven de tachtig jaar heeft ongeveer 4 procent glaucoom.
Meer weten over glaucoom?
Ontvang de gratis brochure
Is glaucoom erfelijk?
Glaucoom kan erfelijk bepaald zijn. In sommige families komt het namelijk vaker voor. Heeft u glaucoom in uw familie? Laat dan vanaf uw veertigste uw ogen regelmatig controleren. Hoe eerder u erbij bent, hoe kleiner de schade.
Wordt er bij u glaucoom gevonden, vertel het uw broers, zussen en kinderen. Ook zij hebben meer kans om glaucoom te krijgen. Of u erfelijke aanleg heeft voor glaucoom, kan niet getest worden.